- Home
- /
- Gids
- /
- Baker McKenzie assessment analogieën uitleg
Baker McKenzie assessment analogieën uitleg
Leer hoe de analogieën in het Baker McKenzie assessment werken en wat je kunt verwachten bij verbaal redeneren in het GITP-assessment.
Voorbereiden op analogieën bij Baker McKenzie
In het Baker McKenzie assessment kun je te maken krijgen met analogieën als onderdeel van de capaciteitentest. Deze test wordt afgenomen door GITP en is bedoeld om je verbaal redeneren te beoordelen. Met gerichte uitleg raak je vertrouwd met het type verbanden dat je moet herkennen.
De opgaven draaien om het vinden van de juiste relatie tussen woorden of begrippen. Dat kan gaan om betekenis, functie of categorie. Door vooraf te begrijpen hoe deze vragen zijn opgebouwd, werk je rustiger en met meer overzicht aan je voorbereiding.
Probeer direct een voorbeeldvraag
Zo krijg je meteen gevoel bij de vraagstijl en de meerwaarde van de oefenomgeving.
Hoe dit onderdeel past binnen het assessment
Het assessment van Baker McKenzie bestaat uit een capaciteitentest en een persoonlijkheidstest. Voor de capaciteitentest is het nuttig om te weten dat de onderdelen kunnen verschillen per kandidaat. In de uitnodiging of in het online platform van GITP staat meestal welke onderdelen je krijgt.
Analogieën zijn één van de gebruikelijke vraagvormen naast matrixen, cijferreeksen en figuurreeksen. Je oefent dus niet alleen op losse vragen, maar op een manier van denken die in meerdere onderdelen terugkomt: verbanden zien, regels herkennen en logisch afleiden.
Zo pak je analogieën stap voor stap aan
Bij een analogie kijk je eerst naar het woordpaar dat de basis vormt. Daarna bepaal je welk verband de twee woorden met elkaar hebben. Pas als dat duidelijk is, vergelijk je dat verband met de antwoordopties. Zo voorkom je dat je te snel op een herkenbaar woord afgaat.
- Bepaal de relatie tussen de gegeven woorden.
- Controleer of die relatie gaat over betekenis, functie of categorie.
- Vergelijk elke antwoordoptie met hetzelfde verband.
- Kies het antwoord dat dezelfde logica volgt.
Deze aanpak helpt je om systematisch te werken. Zeker in een assessment is het waardevol als je niet hoeft te gokken op gevoel, maar kunt terugvallen op een vaste manier van redeneren.
Praktische aandachtspunten voor je oefening
Oefenen werkt vooral goed als je rustig naar de relatie tussen woorden kijkt en niet alleen naar losse termen. Probeer bij elke opgave hardop te verwoorden welk verband je ziet. Dat maakt het eenvoudiger om vergelijkbare vragen sneller te herkennen.
- Let op meerdere soorten verbanden, zoals functie, betekenis of groep.
- Lees de antwoorden zorgvuldig; kleine verschillen zijn vaak belangrijk.
- Werk in een vast tempo, zodat je niet vastloopt op één vraag.
- Herhaal lastige opgaven om het patroon beter te leren zien.
Omdat de resultaten worden vergeleken met een normgroep, is vertrouwd raken met de vraagvorm extra nuttig. Je bouwt daarmee geen trucje op, maar meer zekerheid in je manier van redeneren.
Wat je van de voorbereiding kunt verwachten
De oefenmodule voor analogieën sluit aan op de manier waarop deze vragen in een GITP-assessment worden aangeboden. Je oefent met enkelvoudige analogieën en leert verbanden herkennen die je in de echte test ook nodig hebt.
De uitleg is bedoeld om je stap voor stap door de opgaven te leiden. Daardoor kun je je voorbereiding gericht opbouwen en met meer rust aan het assessment beginnen, ook als je nog niet veel ervaring hebt met dit onderdeel.