- Home
- /
- Gids
- /
- Baker McKenzie assessment matrixen uitgelegd
Baker McKenzie assessment matrixen uitgelegd
Lees hoe matrixen in het Baker McKenzie assessment werken en hoe je met gerichte oefening en tijdsindeling rustig en nauwkeurig kunt werken.
Over de matrixenmodule binnen het assessment
Bij Baker McKenzie wordt het assessment afgenomen door GITP en bestaat het traject uit een capaciteitentest en een persoonlijkheidstest. De matrixenmodule hoort bij de capaciteitentest en richt zich op abstract redeneren.
In deze module zie je een raster met figuren die samen een patroon vormen. Het is de bedoeling dat je het onderliggende verband herkent en bepaalt welk vakje ontbreekt. Dat vraagt om nauwkeurig kijken, logisch analyseren en werken onder tijdsdruk.
Welke onderdelen je precies krijgt, staat meestal in je uitnodigingsmail of in het online platform van GITP. Matrixen komen vaak voor, maar je assessment kan ook andere onderdelen bevatten, zoals analogieën, cijferreeksen en figuurreeksen.
Probeer direct een voorbeeldvraag
Zo krijg je meteen gevoel bij de vraagstijl en de meerwaarde van de oefenomgeving.
Wat je tijdens het oefenen kunt verwachten
De opgaven zijn opgebouwd rond visuele patronen. Je oefent met het herkennen van veranderingen in vorm, positie, volgorde of combinatie van kenmerken, zodat je sneller ziet hoe een reeks logisch doorloopt.
Omdat de capaciteitentest wordt vergeleken met een normgroep, is vertrouwd raken met het type vraag belangrijk. Oefenen helpt niet alleen bij de inhoud, maar ook bij het tempo waarin je beslissingen moet nemen.
Een rustige aanpak werkt meestal beter dan lang blijven hangen bij één lastig vakje. Lees de figuren systematisch, bepaal eerst de meest duidelijke regel en ga daarna pas op zoek naar uitzonderingen of aanvullende patronen.
Zo bouw je je voorbereiding praktisch op
Een goede voorbereiding begint met inzicht in de opbouw van de test. Bekijk vooraf welk onderdeel je moet maken en plan daarna een korte oefenroutine die past binnen de tijd die je beschikbaar hebt.
- Oefen in korte blokken om scherp te blijven.
- Werk eerst aan inzicht, daarna aan snelheid.
- Vergelijk je antwoord pas nadat je zelf de patroonregel hebt bepaald.
Voor matrixen is herhaling waardevol, maar alleen als je bewust oefent. Let tijdens elke opgave op wat je ziet, welke regel je gebruikt en waar je tijd verliest. Zo wordt je aanpak stap voor stap efficiënter.
Van eerste indruk naar zeker antwoord
Begin met het volledige raster te bekijken en zoek naar een kenmerk dat in alle vakjes terugkomt. Vaak zit de oplossing in een combinatie van meerdere kleine veranderingen, niet in één opvallend detail.
Werk daarna van links naar rechts of van boven naar beneden, zodat je geen vakjes overslaat. Dat helpt om gestructureerd te blijven, zeker wanneer de tijd beperkt is.
Als een vraag lastig blijft, is het beter om snel door te gaan en later terug te komen als dat mogelijk is. Bij een tijdsgebonden assessment levert een bewuste keuze vaak meer op dan te lang twijfelen.